Impressie van de vriendenbijeenkomst 1 maart 2026

Ruim 25 vrienden togen op die zonnige eerste zondag van maart naar het Stadsmuseum.

Na de ontvangst heette voorzitter Dick Launspach de Vrienden hartelijk welkom in de vroedschapszaal. Hij herdacht ons bestuurslid Netty de Groot-Pasman, die eind januari plotseling is overleden. Netty was een zeer deskundig en gastvrij bestuurslid. Wij zullen haar node missen.

Vervolgens gaf Dick inzicht in de uitgaven van de onze stichting, die vooral uit bijdragen aan tentoonstellingen in het Stadsmuseum bestonden. Ook vertelde hij over de nieuwe plannen voor activiteiten die in het bestuur zijn besproken, zoals Kunst en kitsch voor de Vrienden, Verhalen van Vrienden over hun favoriete kunstwerken  en Metamorfose (dichters en kunstenaars over gezamenlijke thema’s).

blank

Arja van Veldhuizen gaf ons daarna inzicht in de plannen en ontwikkelingen in het Stadsmuseum, zoals de volgende tentoonstelling over zakdoekjes  met verhalen en werken van verschillende kunstenaars, met als grote verrassing een toekomstige expositie over de Jan Steenzolder van Gestel (die echter veel voorbereiding en financiën zal vergen), de bijeenkomsten in Harmelen over de huidige expositie in het Stadsmuseum en de aanschaf van handige draagstoeltje die de bezoekers kunnen gebruiken tijdens hun bezoek.

blank

Daarna krijgt onze secretaris het woord voor een presentatie en quiz over Sport in de kunst, naar aanleiding van de huidige expositie TOPVORM, Sport+Kunst. 2025. Hij neemt ons mee in de geschiedenis van de sport aan de hand van kunstafbeeldingen, te beginnen met China en het oudste balspel dat we kennen: Cuju.

blank

Via Egypte belanden we in het oude Griekenland en discuswerper Myron van Eleutherae  (rond 350 voor Chr.), een prachtig beeld van totale harmonie en volledig in balans en uiteraard de Olympus, en de Olympische spelen (waardoor geïnspireerd Pierre de Coubertin in 1896 de traditie van de huidige vierjaarlijkse Olympische Spelen is begonnen.) Na de invoering van de Olympische Spelen in 776 v. Chr. ontstond langzamerhand een vast programma van individuele sporten. De eerste sport die beoefend werd was het hardlopen. Later kwamen daar andere sporten bij zoals wagenrace, worstelen, speer vechten, boogschieten en discuswerpen.

In Rome werd de Griekse lichaamstraditie en sporttraditie langzamerhand overgenomen. Maar daarbij kwamen ook nieuwe sporten bij vooral in de arena met zijn gladiatoren en hun gevechten. Maar Rome kende ook een balspel: het  harpastum,  de voorloper van het huidige voetbal en rugby.

In de Middeleeuwen kenden men de jacht, vooral de valkenjacht, allerlei balspelen, het worstelen en ook de riddertoernooien.  Oorspronkelijk bestonden de toernooien alleen uit een melée, een massaal gevecht. Later ontstond het steekspel waarbij men met uitgeholde en verzwakte houten lansen op elkaar in reed. De kerk heeft de toernooien altijd streng afgekeurd zozeer dat zelfs zij die in het strijdperk omkwamen, en dat gebeurde niet zelden, na 1130 geen kerkelijke begrafenis kregen. Na 1300 werden de toernooien meer gedisciplineerd en minder gevaarlijk.

Populair in Frankrijk maar ook daarbuiten was vooral het kaatsspel, het Jeu de Paumes, een spel dat op straat werd gespeeld. Dit spel is waarschijnlijk ontstaan in de vroege Middeleeuwen, waarbij monniken met een stoffen bal speelden binnen de muren van het klooster. Later verspreidt het spel zich snel in Parijs en wordt het ook zeer populair bij de koningen. Op een gegeven moment in de 16de eeuw zijn er meer kaatsbanen dan kerken. Het werd op werkdagen zelfs verboden. Het werd de voorloper van het huidige tennis, nu met een racket in plaats van met de hand.

Tijdens de renaissance zie we  golf in Schotland met Mary Stuart en het Calcio Fiorentino (16e eeuw), een soort voetbal.

Breughel, van Ostade en Averkamp laten ons sporten zien in hun aardige genrestukken. Avercamp schildert golf op het ijs tijdens de kleine ijstijd: (laatste kwart 16 eeuw).

Lander eindigt met een aantal sporten en kunstenaars in de moderne tijd, met tennis, wielrennen en voetbal, momenteel de belangrijkste volkssport. Het is waarschijnlijk ook één van de oudste vormen van sport.

Het spel werd in Engeland zo populair dat er in de dertiende eeuw een totaalverbod kwam, omdat het zou afleiden van belangrijkere zaken. Echter in de eeuwen daarop bleef de wereld met een bal spelen.  Later ontstond behoefde aan regulering: die ontstond toen het voetbal een schoolsport werd en beoefend werd in Oxford en Cambridge. Daarbij ontstond ook het begrip  fair play.

Achtereenvolgens zien de vrienden  the skating Minister 1790 van Sir Henri Rayborn, voetballende kinderen door Thomas Webster, paardenrennen door de impressionist Edgar Degas; baders bij Asnières van G. Seurat met daarin de voelbare sfeer van loomheid en hitte.

Chique sporten ontdekken we bij de estheticus Sir John Lavery: in Hotel Beau Site Cannes en bij de graficus Willy Sluiter en zijn skiër in Sankt Moritz.

De grote schilder van de Ecole de Paris Nicolas de Staël mag natuurlijk niet ontbreken: zijn Nuit au parc des Princes is net nog figuratief en is onderdeel van een prachtige serie voetballers.

Boccioni,  futurist, 1913, tovert met zijn cyclist snelheid, energie, krachtige lijnen en vooruitgang.

Andy Warhol, prince of the pop, vertegenwoordigt met zijn Olympische Spelen 1984 een andere vorm van snelheid.

Ontroerend zijn de voetballers, van de kunstenaar uit de Stijlgroep Bart van der Leck. De hedendaagse Sam Drukker geeft een krachtige impressie van boksen. Met de voetbalspelers van Pyke Koch komen we in het magisch realisme. Frans sluit af met de golfspelers van de Goudse kunstenaar Gerard ’t Hart en met Pierre de Coubertin,  de grondlegger van de huidige olympische spelen.

blank
Discuswerper, Myron van Eleutherae
blank
Calcio Fiorentino - Jan van der Straet
blank
G Seurat - baders bij Asnières 1884
blank
Pyke Koch - voetbalspelers

Daarna mogen de aanwezigen zich verheugen op een quiz over Sport in de Kunst, 19 vragen, voor een groot deel vragen over de huidige expositie in het Stadsmuseum.

Het viel blijkbaar niet mee: slechts twee aanwezigen hadden, op vijf vragen na, alle antwoorden goed. Na een extra vraag werd Catharina de Vries, vrijwilligster van het Stadsmuseum de uiteindelijke winnaar en werd zij beloond met een mooi kunstboek over de familie Toorop.

Na afloop konden de vrienden genieten van hapjes en drankjes en van elkaars gezelschap.

Frans Lander

Laat een reactie achter

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Scroll naar boven

Word vriend van het stadsmuseum als u van woerden houdt!